Voorrang Nieuwe Spiegelstraat – Keizersgracht

Op 9 december 2006 fietste ik vanaf Amsterdam Centrum naar mijn woning in Oud-Zuid. Ik nam de gebruikelijke route – door de Nieuwe Spiegelstraat, die van de Herengracht naar de Prinsengracht loopt, vervolgens via de Spiegelgracht langs het Rijksmuseum. Ik woon al 20 jaar (mijn hele leven) in Amsterdam, en heb deze route dus al vele malen gereden, zonder noemenswaardige problemen. Deze dag liep het echter anders. Ik kwam net van de Herengracht, en fietsend door de Nieuwe Spiegelstraat naderde ik de Keizersgracht. Na de brug overgestoken te hebben, kwam er een auto van rechts. Ik reed(zoals gewoonlijk) met een aardig tempo, de auto reed rustig omdat hij net een drempel op moest, die voor het kruispunt is aangelegd. Op de foto is de situatie te zien(klik om te vergroten).Kp_vanaf_auto_2 Zoals te zien is, rijdt de auto na de drempel op hetzelfde niveau als de stoep, verder loopt de trottoirband op het kruispunt door. Dit soort constructies komen in vele soorten en maten voor in Amsterdam, en betekenen, naar mijn weten, dat de auto voorrang moet verlenen aan al het kruisende verkeer, van rechts én van links. Deze construties heten uitritconstructies, maar daarover later meer. In ieder geval ging ik er dus, zoals altijd, gewoon van uit dat ik voorrang had en reed ik vrolijk door. Maar toen ik het kruispunt opreed merkte ik dat de auto plotseling doorreed. Het was te laat om te stoppen, de auto botste tegen mijn fiets op. Gelukkig alleen tegen mijn voorwiel, zelf was ik ongedeerd. Wel typisch dat ik net die dag op de dure, ongebruikte(via een loterij gewonnen) fiets van mijn vader reed in plaats van mijn eigen brakke fiets die een lekke band had.

Ik was aardig geschrokken, en de auto ging aan de kant staan. De bestuurder stapte uit en bood zijn excuses aan, zei dat hij naast de rem had getrapt, zei dat hij verzekerd was en alles zou vergoeden. Hij bood me zelfs een taxi aan. Aardige vent dus, dacht ik. We wisselden gegevens uit, en spraken af nog contact op de nemen over het vergoeden van de schade(de auto was trouwens niet beschadigd). Het aanbod van de taxi sloeg ik af, ik vond het zonde om zo’n dure taxi te nemen, want de fiets was nog net goed genoeg om mee naar huis te komen. Over de vraag wie er eigenlijk in de fout was gegaan werd geen seconde over gesproken. Ik nam aan dat hij zich van zijn schuld bewust was.

Alles goed dus, nieuw voorwiel, 80 euro, en intussen had de automobilist al op mijn antwoordapparaat ingesproken of alles goed was. Het duurde echter een aantal weken voor we weer goed met elkaar in gesprek kwamen, doordat we het beide steeds druk hadden. Na een paar korte telefoongesprekken begon hij zich echter af te vragen wiens fout het ongeluk eigenlijk was. Puur uit interesse, voor het geld maakte het niet uit, zei hij. Ik legde uit hoe de situatie volgensmij in elkaar zat, maar toen ik over uitritten begon snapte hij dat niet. Ik zei dat ik het nog wel even zou uitzoeken, en hij zou zijn jurist wel even raadplegen.

KerkstraatToen ik googlede op "voorrang spiegelstraat" kwam ik tot mijn verassing op dit weblog terecht. Jullie kunnen het natuurlijk zelf lezen, maar in het kort komt het erop neer dat de schrijver, net zoals ik, op de Nieuwe Spiegelstraat aan het fietsen was, toen er vanuit de Kerkstraat een politieauto van rechts kwam. Zoals op de foto te zien is, is deze situatie precies hetzelfde als bij het kruispunt met de Keizersgracht. De fietser nam, net zoals ik, voorrang. Echter, de politie kwam achter hem aan, maande hem te stoppen, en vertelde hem dat hij (de fietser) geen voorrang had!

Omdat ik hier het fijne van wilde weten, pakte ik de telefoon ik ging ik dit tot op de bodem uitzoeken. Ik werd echt volledig van het kastje naar de muur gestuurd. Ik begon bij de politie, maar niemand durfde me echt met zekerheid te zeggen wat de situatie was. Kennelijk weten ambtenaren zelf niet naar wie ze moeten doorverbinden, want ik heb vele telefoontjes gevoerd en maar liefst acht mensen gesproken voor ik de man aan de lijn had die over dit soort dingen ging. Deze man is Arjan Bijkerk, de gebiedsbeheerder van het betreffende gebied. Hij beoordeelt onder andere verkeerssituaties en kan besluiten er iets aan te doen. Hij had een computer voor zich waarop hij heel handig fotootjes kon oproepen van alle kruispunten in zijn gebied. Zo ook het kruispunt Keizersgracht – Nieuwe Spiegelstraat. Na even de foto bestudeerd te hebben kwam hij tot mijn verbazing tot de conclusie dat ik ongelijk had; de auto die van de gracht kwam had voorrang. Volgens hem was het geen uitritconstructie, omdat de stoep en de rijbaan werden gescheiden door een lijn van witte tegels, en bij een echte uitritconstructie zou de stoep helemaal moeten doorlopen. Hoewel ik teleurgesteld was, nam ik maar genoegen met deze uitleg – hij was immers de man die er het meeste over kon zeggen, dacht ik. Uiteindelijk heb ik na veel gezeur de helft van het bedrag voor de reparatie van de automobilist gekregen.

Maar daarmee was de kous nog niet af. Mijn vader heeft een groentewinkel, en had het erover met een klant. Deze klant bleek toevallig actief geweest te zijn bij de Fietsersbond, ten tijde van het aanleggen van deze constructie. Na enig e-mailverkeer kreeg ik dit verhaal van André Guit, iemand anders bij de Fietsersbond. Ik denk dat het het makkelijkst is om het helemaal over te nemen:

"Beste lezers,

Ik denk in 1987 of 1988 is bij de fietstocht Amsterdam op de fiets aan de
deelnemers gevraagd naar ideeen om het fietsen in Amsterdam
beter/prettiger/veiliger (?) te maken. Voorrang op fietsroutes kwam als
beste uit de bus waarna de gemeente besloot het winnende onderwerp op de
Spiegelgracht (een spraakmakende fietsroute) uit te voeren. Volgens mij is
wat er nu ligt uitgevoerd zonder de tekeningen in de verkeerscommissies te
bespreken, voor ons was de uitvoering een verrassing en wij vonden het
meteen een onduidelijke uitvoering. De gemeente vond indertijd dat een
inritband aan de aanrijzijde en een doorgetrokken trottoirband aan de kant
van de weg die voorrang heeft een goede uitvoering was. Uitritconstructies
werden in die tijd op vele manieren uitgevoerd, de wetgeving was
onduidelijk, vooral op jurispudentie gebaseerd. Wij hebben altijd
aangedrongen op eenduidige uitvoering in Amsterdam en het liefst
duidelijke landelijke richtlijnen. Duidelijke wetgeving is er volgens mij
nog steeds niet, uitvoering volgens CROW normen is volgens mij nu wel de
norm. Maar die norm was er pas circa 10 jaar na uitvoering op de
Spiegelgracht.

De uitvoering op de Spiegelgracht, met bruine klinkers is nog
onduidelijker voor weggebruikers dan een trottoir met stoeptegels
doortrekken. Wij hebben indertijd nadat het uigevoerd is in de werkgroep
fiets gezegd dat het onduidelijk is en mensen het niet begrijpen. Wij
hebben toen aangedrongen om dubbelop haaietanden aan te brengen om de
voorang duidelijk te maken. De gemeente wilde dat niet omdat ze het
tegenstrijdig vonden, je legt een uitritcontstructie aan die impliceert
dat fietsers (en voetgangers) op de Spiegelgracht in in de Nieuwe
Spiegelstraat voorrang hebben, dan moet je geen haaietanden aanbrengen
(dan hebben voergangers geen voorrang).

Uitritconstructies zijn volgens mij nog steeds slecht geregeld in
Nederland maar stadsdelen volgen nu wel de CROW richtlijnen. Duidelijk is
dat de constructie op de kruising Spiegelgracht Keizersgracht is aangelegd
met de intentie fietsers voorrang te geven. De inritband op de
Keizersgracht zou automobilisten minsten aan het twijfelen moeten brengen.
Hoewel het niet aan de huidige eisen voldoet denk ik dat je bij een
rechter als fietsers kunt betogen dat je er van uitging dat je voorrang
had en dan vind ik het logisch dat je het voordeel van de twijfel hebt. De
wegbeheerder (stadsdeel) is verantwoordelijk voor de onduidelijke
constructie (al heeft het stadsdeel dat niet aangelegd). Dus ik denk dat
of automobilist of stadsdeel de pisang zijn."

Opvallend is vooral dat de gemeente destijds dus blijkbaar ook vond dat de fietsers voorrang hadden, maar haaientanden zouden de situatie verslechteren. Nu vindt de gemeente (in de persoon van Arjan Bijkerk) echter, door hun eigen onduidelijkheid en slechte onderlinge communicatie, dat de fietsers geen voorrang hebben. Er heeft zelfs een tijdje een geel bord gestaan waarop stond: "Pas op, rechts heeft voorrang!" waarbij werd verwezen naar het verkeer dat uit de Keizersgracht komt(wat naar het oorspronkelijke plan dus geen voorrang zou moeten hebben). Dit bord is echter weggehaald, omdat het de situatie nog onduidelijker zou hebben gemaakt dan hij al was(zei Arjan Bijkerk). Waarschijnlijk omdat de intuïtie en de dagelijkse praktijk recht tegen deze regel ingaan, lijkt me.

Speerstraat Nog even over de uitritconstructie. Als het waar zou zijn wat de gebiedsbeheerder zegt, dat een witte lijn tussen weg en stoep betekent dat het geen uitritconstructie maar een gelijkwaardig kruispunt betreft, dan weet ik nog wel wat leuke kruispunten. Zoals het kruispunt wat hier links te zien is, van de Olympiaweg en de Speerstraat. De Olympiaweg is zo ongeveer een voorrangsweg, waar auto’s met 50 km/u overheen rijden. Als je hier als fietser uit de Speerstraat komt rijden kun je wel leuk doorrijden als er verkeer van links aankomt, claimend dat het hier niet om een uitritconstructie gaat maar om een gelijkwaardige kruising, maar dan lig je zeker onder uit auto. Natuurlijk is het onzin, en hebben auto’s van links voorrang. Dat is gewoon duidelijk uit de omstandigheden. Net zoals het op de Keizersgracht naar mijn idee duidelijk genoeg is. Volgens Arjan Bijkerk zou het kunnen zijn dat het kruispunt zo was aangelegd om "contructietechnische redenen", bijvoorbeeld om de stenen van de keizersgracht van die van de spiegelstraat te scheiden. Waarom was dan direct aan de overkant niet zo’n zelfde constructie aangelegd, was daarop mijn vraag(daar zijn geen drempels e.d. maar blijft de weg gewoon hetzelfde, zie de eerste foto). Daar wist hij echter geen antwoord op. Het is echter heel logisch; direct aan de overkant is zo’n constructie voor de voorrang niet nodig omdat er geen verkeer uit mag komen(éénrichtingsverkeer).

En hoe zit het wettelijk dan? Zijn er niet gewoon duidelijke afspraken over wat een uitritconstructie precies is? Helaas deze zijn er niet. In het Reglement Verkeers Regels en Verkeerstekens 1990 ontbreekt simpelweg een definitie van een in/uitrit. Waarom? Omdat er geen eenduidige definitie gevonden kon worden die alle bestaande gevallen van uitritconstructies goed zou kunnen onderbrengen. Zie voor meer uitleg hierover dit artikel. Onder meer wordt er gezegd dat de constructie "duidelijk" moet zijn. Tsja, maar wanneer is een constructie nou duidelijk? Wat nou als het onduidelijk is of een constructie als "duidelijk" kan worden bestempeld? In mijn theorieboekje voor de rijles("Wegwijzer in het verkeer", 23ste druk, Verjo) staat erover:

"Dit is een in- of uitgang of een aansluiting van een weg op een andere weg die door middel van een doorlopend verlaagd trottoir of een doorlopende verlaagde trottoirband van de kruisende weg is afgescheiden. Er mogen geen bochtbanden aanwezig zijn en de trottoirbestrating moet doorlopen(uitritconstructie). Een uitrit moet snel als zodanig herkenbaar zijn."

Dit lijkt echter meer op een richtlijn om uitritconstructies te bouwen, dan een lijstje van criteria om ze te herkennen. Zoals ik al eerder zei bestaan er namelijk uitritconstructies die niet aan al deze criteria voldoen, dit is waarschijnlijk de reden dat er ook geen definitie voor bestaat. Natuurlijk is dit een verre van ideale situatie, en het zou het beste zijn als er gewoon een goede definitie bestond, en dat alle uitritconstructies in het land aan deze definitie voldeden. Het verleden heeft ons echter met deze situatie opgescheept. De enige manier om het op te lossen is het echt duidelijk maken van toekomstige contructies, en huidige constructies aan te passen. De gebiedsbeheerder vertelde mij echter dat er niet snel iets aan gedaan zou worden, omdat andere kruispunten, met meer verkeersongevallen, voorrang hebben om aangepast te worden. Ik denk echter dat er op kruispunten met onduidelijke uitritconstructies wel degelijk veel ongelukken gebeuren, maar weinig gerapporteerde/ernstige, omdat het meestal om lage snelheden gaat. Maar dit lijkt me niet het beste beleid. Er zullen namelijk wel altijd andere plekken zijn waar meer geregistreerde ongelukken plaatsvinden. Uitritconstructies zijn echter relatief makkelijk duidelijk te maken en de kans is heel groot dat het probleem op het kruispunt dan ook gewoon opgelost is.

Om nog even terug te komen op het kruispunt van de Keizersgracht, voor mij was het altijd wel duidelijk dat de fietsers voorrang hadden. Ik heb er ook een tijdje staan kijken, en altijd gaven auto’s uit de Keizersgracht voorrang aan fietsers van links, dus volgensmij is dat ook hoe er in de praktijk mee omgegaan wordt. Na mijn onderzoekingen blijkt echter dat het helemaal niet zo’n duidelijke zaak is, en dat zelfs de overheid wegens onwetendheid hun eigen beleid van twintig jaar geleden tegenspreekt. Nog steeds neem ik overigens gewoon voorrang als ik op de Nieuwe Spiegelstraat rijdt, natuurlijk wel iets voorzichtiger.

Het is een beetje een lang verhaal geworden, maar ik hoop dat ik de mensen die hier het fijne van willen weten verder heb geholpen. Zoals altijd zijn reacties zeer welkom!

9 June 2007
By on 16:33
Bewustzijn… Hoe?

Met de huidige stand van wetenschap kunnen we enorm veel verklaren. Steeds meer ontdekken we wetmatigheden in de gebeurtenissen die we in de wereld waarnemen. Het weer kunnen we steeds beter voorspellen, en we weten precies welke ster op welk moment waar staat. Ook op het allerkleinste niveau lijken deeltjes onderworpen te zijn aan duidelijke regels en wetten. Hoewel we nog lang niet alles weten kunnen we met grote precisie het gedrag van deeltjes voorspellen.

Ook ons eigen gedrag blijkt te maken hebben met materie die regels opvolgt. Onze hersenen zijn enorm complexe chemische fabrieken die ons in staat stellen te zijn wie we zijn. Als er iets mis is met de hersenen, zoals dementie, een hersenschudding of -beschadiging, heeft dat meteen effect op ons gedrag: we vergeten dingen, we kunnen bepaalde vanzelfsprekende handelingen niet meer uitvoeren; alsof we een machine zijn waar er een contactje los zit.

Al met al lijken we de wereld vanuit een materialistisch oogpunt goed te kunnen verklaren. Dat wil zeggen, met de kennis die we nu hebben lijkt het erop dat alles wat er gebeurt een gevolg is van een materiale gebeurtenis(er kunnen echter misschien wel willekeurige materiële gebeurtenissen plaatsvinden, waar de quantumfysica op lijkt te wijzen).

Maar, er is één groot probleem. Of dat voor iedereen geldt, weet ik niet, maar dat het voor mij geldt, daar ben ik in ieder geval van overtuigd: Ik heb een bewustzijn! Ik voel, ik denk, ik hoor, ik zie, ik ruik, ik proef… Of dit nu illusies zijn, of "echte" waarnemingen, dat doet er eigenlijk niet toe, ik maak ze mee!
Stel je voor, ik zie een briefje van 10 euro op straat liggen, en ik pak het op. Van buiten af zou je misschien als volgt kunnen redeneren: "Gijs ziet een briefje van 10 zomaar op straat liggen. Hij kan het nu laten liggen(geen voordeel/nadeel), of hij kan het oprapen(voordeel: hij kan meer dingen kopen). Aangezien zijn hersens zo werken dat hij de meest voordelige situatie zal kiezen, raapt hij het briefje op".
Op zich lijkt dit een juiste redenering. Maar het zou ook een redenering kunnen zijn over een robot die de straat afspeurt op verloren geld, en daar zie ik mezelf toch niet voor aan. Voor mij werkt het heel anders. Ík zie een briefje liggen, daar wordt ik me bewust van. Ík krijg een fijn gevoel: "Hee, daar ligt geld, zomaar voor het oprapen!". Ík denk: "Ik heb niets te verliezen, oprapen!", en ik raap het briefje op. Dat zijn de bewuste ervaringen die ik meemaak.

Al zo lang de mens bestaat is bewustzijn een mysterie voor haar. Hoe komt het nou dat wij dingen meemaken? Dat ik ik ben en jij jij? Hebben dieren ook bewustzijn? Is er een streep te trekken tussen organismen met en zonder een bewustzijn, of is er sprake van een meer geleidelijke overgang? Zouden computers bewustzijn kunnen hebben? Kun je übarhaupt wel bewijzen dat ieder ander dan jezelf een bewustzijn hebt? Kun je bewijzen dat je zélf een bewustzijn hebt???
Juist omdat bewustzijn iets immateriëels lijkt te zijn, is het zo ongrijpbaar. Hoe kun je in hemelsnaam onderzoek doen naar een immateriëel iets? In ieder geval kunnen we er wel over filosoferen.

Als mens hebben wij het idee dat wij controle hebben over ons doen en laten. Dat wil zeggen, wij denken dat wij met onze wil invloed kunnen uitoefenen op de materiële wereld. Ofwel, de immateriële wereld van het bewustzijn beïnvloed de materiële wereld van de deeltjes. Bijvoorbeeld, als ik denk: "nu ga ik mijn hand opsteken", dan steek ik mijn hand op.
Omgekeerd lijkt de materiële wereld ook invloed uit te oefenen op het immateriële bewustzijn. Als de zon op mij schijnt, dan heeft dat positieve invloed op mijn humeur. Dus, er lijkt een wisselwerking te zijn tussen de immateriële en de materiële wereld. In de filosifie wordt dit interactionisme genoemd.

Tegengesteld aan het interactionisme is er het materialisme. Materialisten zeggen dat er alleen maar materie is, en dat er geen immateriële dingen bestaan. Ook het bewustzijn is materiëel, of het is een illusie, gecreëerd door de materie. Hier ben ik het overigens niet mee eens omdat het bewustzijn volgensmij direct een immateriële wereld impliceert. Ook als het bewustzijn een "illusie" zou zijn, dan zou er nog steeds iets immateriëels moeten bestaan dat die illusie meemaakt. Misschien kan een materialist hier nog argumenten tegenin brengen? Ik zal later overigens nog dieper op mijn eigen standpunt ingaan.

Dan heb je ook nog het zogenaamde epifenomenalisme. Dit betekent dat de materiële wereld de immateriële wereld wel kan beinvloeden, maar andersom niet. Ofwel: gebeurtenissen kunnen wel een effect hebben op ons bewustzijn, maar wij zijn niet in staat om met ons immateriële ik invloed uit te oefenen op de buitenwereld. Dat we denken dat dat wel mogelijk is, kan een illusie zijn die ons brein ons voorschotelt. Dit is voor mij een goede mogelijkheid. Het komt ook overeen met de bevindingen die waren gedaan in een documentaire: "Brain Story" (de volledige tekst is hier te vinden, zeer interessant). In deze documentaire bleek namelijk, dat er een halve seconde voordat een proefpersoon bewust een bepaald beslissing nam, aantoonbaar toenemende hersenactiviteit was. Dit lijkt erop te wijzen dat de hersenen beslissingen voor ons nemen, en ons bewustzijn laten denken dat we het helemaal zelf in de hand hebben.

Nu zal ik nog een gedachtegang weergeven die voor mij een argument is tegen het materialisme, en vóór het bestaan van een immateriëel bewustzijn.

Stel je voor, op een dag wordt Ronald geboren. Maar Ronald is niet zoals de andere mensen, hij heeft namelijk een afwijking. Hij beleeft de hele wereld namelijk in spiegelbeeld. Wat wij links zien, ziet hij rechts. Waar hij zijn linkerhand ziet, zien wij onze rechterhand. Maar de vraag is, is dit eigenlijk wel echt een afwijking?
Hoe zouden we erachter kunnen komen of hij deze afwijking heeft? We zouden hem kunnen vragen: "Wat is je linkerhand?" Maar vanzelfsprekend zal hij dan gewoon zijn linkerhand opsteken, aangezien hij uit de omgeving heeft geleerd dat de kant waar die hand zit "links" wordt genoemd. Omdat voor hem werkelijk álles in spiegelbeeld is, is er geen enkele manier achter te komen dat hij deze "afwijking" heeft. Dus zou je het ook niet echt een afwijking kunnen noemen. Maar er is toch wel degelijk verschil tussen de wereld meemaken zoals je hem nu meemaakt, en de wereld in spiegelbeeld meemaken. Stel je maar eens voor dat alles wat je nu ziet spiegelbeeld zou zijn. Nu zou dat raar zijn. Maar als het vanaf je geboorte zo is, zou je het doodnormaal vinden. Misschien zíe jij alles eigenlijk altijd al in spiegelbeeld. Misschien zien wel heleboel mensen de wereld in spiegelbeeld! Echter, zoals ik al zei, lijkt er geen enkele manier te zijn om aan te tonen welke mensen de wereld op manier A zien en welke mensen op manier B. Ik beweer zelfs dat het misschien op geen enkele manier in de materie van een persoon is vastgelegd of hij de wereld op manier A of manier B ervaart! Volgensmij is het enige wat bepaalt hoe wij de wereld zien: Ons Bewustzijn! Links en rechts zijn namelijk relatieve begrippen. Links is tegenovergesteld aan rechts en rechts tegenovergesteld aan links, maar ze zijn in principe gelijkwaardig. En toch ervaren wij links en rechts als iets absoluuts. Wij hebben een absoluut idee bij "links" en bij "rechts".

Hetzelfde verhaal kun je houden voor andere gewaarwordingen, zoals het zien van kleuren. Misschien zie ik wel zwart waar jij wit ziet en wit waar jij zwart ziet! Ook hier kun je op dezelfde manier redeneren, en weer kun je onmogelijk vaststellen of iemand de kleuren anders ziet dan jijzelf. De enige manier waarop je namelijk kunt uitleggen welke kleuren je ziet, is door gebruik te maken van taal. Maar je kunt nooit wezenlijk aan iemand uitleggen hoe de kleur "zwart" er voor jou uitziet. Je kunt in feite alleen zeggen: "Dat is de kleur die in het algemeen ‘zwart’ wordt genoemd".

Kort gezegd, alles is relatief, maar het bewustzijn maakt absoluut!

Ik heb nog meer bezwaren tegen het materialisme. Neem bijvoorbeeld de kleur rood. Hoe kan het materialisme verklaren dat wij de kleur rood ervaren zoals wij hem ervaren? Het enige wat ik kan verzinnen is een soort "vertaling" die zegt: "die golflengte hoort bij die ervaring". Maar mijns inziens is dit een vertaling van het materiële(golflengte) naar het immateriële(ervaring). Wat ik wil zeggen, is dat het volgensmij onmogelijk is ervaringen en gevoelens puur uit te drukken in materie. Ik wil niet zeggen dat gevoelens niet kunnen overeenkomen met een bepaalde materiële staat van deeltjes, maar er móet iets zijn dat dan bepaald: "Deze staat van materie hoort bij dat gevoel".

Ook is er een bepaald gedachte-experiment dat mij al een tijdje bezighoudt. Stel, ik ga naar een slapend persoon, vermoord hem, en stop hem in een kast. Vervolgens ga ik de persoon molecuul voor molecuul nabouwen(wat natuurlijk praktisch totaal onmogelijk is, maar daarvoor is het een gedachte-experiment). Deze nagebouwde persoon wek ik tot leven en stop ik in het bed van de vermoorde persoon. Deze nagebouwde persoon bestaat uit precies dezelfde atomen, op dezelfde manier geordend, dus zijn hersenen hebben dezelfde herinneringen, dromen, karaktereigenschappen etc. als de vermoorde persoon. Er ligt dus een kopie van de oorspronkelijke persoon in het bed, alsof er niets gebeurd is. De vraag is, is er wezenlijk iets veranderd? Zal er een ander mens opstaan? Zal hij zich anders gedragen? Of zal hij zich hetzelfde gedragen, maar heeft hij een ander bewustzijn? Of heeft hij hetzelfde bewustzijn?
Interessant is het ook je af te vragen hoe het zou zijn als ik de persoon niet zou vermoorden, maar gewoon ergens opsluiten. Nu is er dus een kopie van de persoon, die misschien precies handelt alsof hij het origineel was, maar het origineel bestaat ook nog!

Dit voorbeeld laat mij toch echt twijfelen of we wel echt een bewustzijn hebben in de zin van ik ben ik en jij bent jij. Bovendien, hoe kun je ooit bewijzen dat jij 10 minuten geleden ook jezelf was, als het enige is wat je hebt om dat te kunnen bewijzen de herinneringen in je hersenen zijn? Misschien was ik 10 minuten geleden wel een ander persoon, maar omdat ik nu alleen beschik over de informatie die de hersenen van mijn lichaam mij verschaffen, heb ik het gevoel dat ik altijd al de persoon ben geweest die ik nu ben…

Dit soort gedachtegangen maken me bijna moedeloos, zo weinig grip is er te krijgen op het bewustzijn! En toch ben ik dolblij dat het bewustzijn bestaat, omdat het mijns inziens het enige is wat het leven zin geeft. Stel je een wereld voor waar alleen maar  robots leven die wel evolueren, proberen te overleven, nakomelingen maken, maar helemaal niks voelen? Als er niets is dat iets meemaakt, dat iets voelt, dan is die wereld toch totaal nutteloos(Of is onze wereld dat ook?)?

Deze tekst is misschien een beetje een samenraapsel geworden van verschillende ideëen, toch hoop ik dat ik een beetje duidelijk heb kunnen maken hoe ik erover denk. Kritiek/discussies/commentaar/reacties meer dan welkom!

20 February 2007
By on 01:12
Determinisme, toekomstvoorspellingen en vrije wil

Dit weblog staat er nu al een tijdje, en ik ga maar eens iets erop zetten. Ik weet niet echt waar ik mee wil beginnen, dus ik begin maar gewoon een beetje te schrijven. Reacties meer dan welkom!!!

In ieder geval wilde ik het hebben over determinisme en vrije wil. Als klein kind vroeg ik me al af of alles wat er gebeurt een oorzaak heeft, of elke beweging van elk deeltje het onvermijdelijke gevolg is van een vorige beweging, en zo ook in de menselijke hersenen; ofwel: of alles wat er gebeurt onvermijdelijk is en of de toekomst vast ligt. Natuurlijk is de vraag of er een vrije wil is hieraan verwant.

Met de huidige natuurkundige inzichten lijkt dit niet helemaal zo te zijn. Neem bijvoorbeeld het radioactief verval van atomen, een proces waarbij atomen spontaan uiteenvallen. Het is op geen enkele manier aan een individueel atoom te zien wanneer het precies zal vervallen. Je kunt alleen zeggen wat de kans is dat een atoom binnen een bepaald tijdsinterval zal vervallen. Als je heel veel van deze atomen bij elkaar hebt, kun je daarom wel met grote nauwkeurigheid zeggen na hoeveel tijd de helft van de atomen vervallen zal zijn, dit wordt de halfwaardetijd genoemd.

Het vervallen van atomen lijkt een compleet willekeurig proces. Ogenschijnlijk volstrekt identieke atomen vervallen op verschillende momenten. Mijns inziens kan dit drie dingen betekenen:

1. Het is écht een willekeurig proces en er bestaat nergens, in geen enkele laag van de huidige stand van de werkelijkheid, informatie over het moment wanneer het atoom zal vervallen.
2. Het is een proces wat veroorzaakt wordt door een dieperliggend systeem wat we met de huidige stand van de wetenschap niet kunnen doorgronden, maar in de toekomst wellicht wel.
3. Het is een proces wat veroorzaakt wordt door een dieperliggend systeem, echter, het is volstrekt onmogelijk om dit systeem ooit te ontdekken omdat het zich buiten ons waarnemingsveld bevindt.

Intuïtief zou je zeggen dat mogelijkheden 2 en 3 goed op een deterministisch wereldbeeld kunnen duiden, omdat er achter het vervallen van atomen nog steeds een systeem met regels, oorzaken en gevolgen zit. Als mogelijkheid 1 waar is, lijkt het erop dat de wereld niet deterministisch is, omdat de toekomst niet vast ligt omdat er compleet willekeurige processen bestaan.

Voor de de duidelijkheid is het misschien verstandig eerst het begrip "determinisme" eens goed te defineren. Op wikipedia staat dat het determinisme zegt dat alle fenomenen die zich voordoen in het heelal eenduidige causale relaties bestaan. Met deze definitie is het inderdaad zo dat een wereld met mogelijkheid 2 en 3 deterministisch kan zijn, maar een wereld met mogelijkheid 1 niet.

Vaak wordt echter determinisme gelijkgesteld aan "de toekomst ligt vast" en "er is geen vrije wil". Ofwel: "Alles heeft een oorzaak" staat gelijk aan "De toekomst ligt vast". Hier ben ik het niet mee eens. De ene kant op klopt het wel: "Als alles een oorzaak heeft, en elke oorzaak heeft maar één mogelijk gevolg, dan ligt de toekomst vast". Maar de volgende uitspraak hoeft volgensmij niet waar te zijn: "Als niet alles een oorzaak heeft, dan ligt de toekomst niet vast". Ofwel, de toekomst kan ook vastliggen in een niet-deterministische wereld. Ik zal uitleggen waarom.

Eerlijk gezegd heeft er wel een beetje mee te maken hoe je "vastliggen" definieert. Ik zeg dat "deterministisch" betekent dat de gehele toekomst vastligt in het nu: gegeven de huidige staat van alle deeltjes in het universum volgt logischerwijs de gehele toekomst. Maar als we nog even naar de vervallende atomen kijken. Stel je voor, in een laboratorium wordt één atoom geobserveerd. Er wordt een stopwatch aangezet en weer gestopt als het atoom vervalt. Stel nu, het atoom vervalt op het tijdstip 5.3 seconden(willekeurig gekozen). Hoewel dit misschien wel een geheel willekeurig proces was, betekent dat dat je achteraf kunt zeggen: "Hij had net zo goed na 5.2 seconden kunnen vervallen, of na 7.1 seconden"? Volgensmij niet. Hij vervalt maar op één moment en hij kon ook niet op een ander moment vervallen, simpelweg omdat een atoom maar één keer kan vervallen! Het lag dan misschien niet vast in de stand van alle deeltjes in het universum op bijvoorbeeld tijdstip 4.0 s, maar je kunt zeggen dat het "in de toekomst al vast lag". Wat ik dus zeg, is dat determinisme betekent: "De toekomst ligt vast in de huidige stand van alle deeltjes in het universum". Maar ik zeg: "De toekomst ligt vast, wellicht niet in de huidige stand van alle deeltjes, maar wel in de toekomst"

Wat je ook kunt zeggen is het volgende: "Het verleden ligt vast. Wat straks verleden is, is nu toekomst. Dus de toekomst ligt ook vast". Wat ik wil zeggen, is dat het feit dat er uiteindelijk maar één ding gebeurd zal zijn, er dus ook maar één ding kán gebeuren.

Maar laten we nu ingaan op een iets andere vraag: Stel dat de wereld deterministisch is. Zou het dan mogelijk zijn om, indien je de huidige stand van alle deeltjes in het universum weet, en alle wetten die ze volgen, de toekomst te voorspellen? In eerste instantie zou je zeggen van wel, als je maar een computer of een intelligent wezen hebt die krachtig genoeg is om dit snel te kunnen doorrekenen. Zie ook deze omschrijving van het determinisme volgens Laplace:

"Een intelligent wezen dat op een zeker moment alle krachten zou kennen die in de natuur werken en de toestanden van alle elementen waaruit deze is opgebouwd en dat bovendien groot genoeg zou zijn om al deze gegevens te kunnen analyseren, zou in een enkele formule de beweging van de grootste lichamen in het heelal en die van het kleinste atoom kunnen beschrijven: niets zou voor hem onzeker zijn en de toekomst zowel als het verleden zouden hem bekend zijn. De menselijke geest, die de sterrenkunde zo volmaakt heeft leren beschrijven, vormt een flauwe afspiegeling van zo’n intelligentie."

Een probleem wat je echter tegenkomt is het volgende. Stel ik heb zo’n apparaat, en op miraculeuze wijze weet dat apparaat de stand van het hele universum op één moment, het kent álle natuurwetten, en is supersnel. Stel het is 15.00. Ik vraag de computer: "Computer, zal ik mij om 16.00 in deze kamer begeven?" Ik besluit om, wat de computer ook voorspelt, precies het tegenoverstelde te doen. Als hij dus zegt "JA", dan zal ik zorgen dat ik om 16.00 ergens anders ben. Als hij zegt "NEE", dan zal ik in mijn kamer blijven, wat er ook gebeurt. Dit betekent het volgende. Óf de computer kan geen goede voorspellingen geven, óf ik moet onvermijdelijk doen wat de computer voorspeld heeft. Het laatste is zeer moeilijk voor te stellen. Dit zou betekenen dat je controle over je eigen lichaam zou verliezen en door een mysterieuze kracht uit je kamer geloodst wordt, dan wel wordt je er door een onzichtbare kracht in opgesloten.

Ik zeg: De computer kan geen goede voorspelling geven. Waarom? Zelfreferentie. Als de computer zijn voorspellingsprogramma aan het uitvoeren is, zal hij op een gegeven moment moeten voorspellen wat hij zelf gaat voorspellen, deze gebeurtenis is immers onderdeel van de hele keten die hij aan het voorspellen is. Echter, hij is nog niet klaar met de voorspelling(daarvoor moet hij nog gaan uitrekenen wat er na de uitkomst allemaal gebeurt), dus weet hij nog niet wat hij gaat voorspellen. Hij heeft de uitkomst van de voorspelling nodig voor de voorspelling. Zo komt hij natuurlijk in een eeuwig cirkeltje waar hij nooit uit kan komen. Dus de computer zal, hoe snel ook, eeuwig moeten nadenken, en nooit tot een uitkomst komen.

Het is echter niet volstrekt onmogelijk voor de computer om een zekere voorspelling te doen. Er zijn twee oplossingen:

1. De computer voorspelt iets over een systeem van deeltjes waar de uitslag van de voorspelling geen invloed op heeft. De computer hoeft nu geen rekening te houden met zijn eigen uitslag, en zal dus niet meer in een cirkelredenering blijven steken.

2. De computer neemt een voorspelling aan, en kijkt vervolgens of dit ook echt leidt tot hetgene voorspeld wordt. Indien de computer dit verschillende malen heeft geprobeerd zonder succes, kan hij zeggen: "Ik kan geen voorspelling geven." Neem bijvoorbeeld het voorbeeld van daarnet. Stel de computer neemt de volgende uitkomst aan: "Jij zal je om 16.00 in je kamer begeven". Vervolgens gaat de computer doorredeneren. Hij beredeneert dat je hersenen met deze uitkomst zullen besluiten om 16.00 juist níet in de kamer te zijn. Deze voorspelling klopt dus niet. De andere uitkomst blijkt ook niet te kloppen, op dezelfde manier. Dus de computer kan niets anders zeggen dan: "Ik kan niet voorspellen wat er gebeurt", ook al weet hij de stand van alle deeltjes in het universum en alle natuurwetten!

Wat wel leuk is om te bedenken, dat als de computer wél een uitkomst heeft gevonden die tot het gebeuren ervan leidt, dat als hij dan deze uitkomst geeft, dat deze gebeurtenis dan ook werkelijk onvermijdelijk zal plaatsvinden! De computer heeft dan immers met alles rekening gehouden. Pogingen om deze uitkomst te vermijden zullen uiteindelijk juist naar het gebeuren ervan kunnen leiden, zoals het Orakel van Delphi. Dit werkt overigens alleen goed met vragen waar maar een beperkt aantal antwoorden op kan worden gegeven, zoals ja/nee vragen, of: in welk land zal ik mij bevinden. Als je vraagt: "Waar precies zal ik mij bevinden", dan zal hij alle mogelijk posities in het universum moeten afgaan, en dat is nogal een onmogelijk taak(bovendien is de kans dan volgensmij heel klein dat een voorspelling dan leidt tot zijn eigen uitkomst).

Ook interessant: stel de computer vindt meerdere voorspellingen die tot hun eigen uitkomst leiden. In feite kan de computer nu "kiezen" welke voorspelling hij zal geven: elke zal leiden tot zijn eigen uitkomst! In een totaal deterministische wereld lijkt er dus toch sprake te zijn van een keuze! In feite is deze keuze natuurlijk ook gedetermineerd, van buiten gezien. Maar de computer kan op geen enkele manier zijn eigen keuze voorspellen, hoeveel kennis hij ook heeft!

Hier komen we een beetje bij vrije wil aan. Ik denk dat er geen vrije wil is in de zin van "ik kan verschillende dingen laten gebeuren", omdat ik denk dat, zoals ik al zei, de toekomst vast ligt. Echter, ik heb ook aangetoond dat het meestal onmogelijk is de toekomst te voorspellen, hoeveel kennis je ook hebt van de huidige stand van de deeltjes etc. Daarom zeg ik: vrije wil is onwetendheid. Het feit dat we onmogelijk precies kunnen weten wat er in de toekomst gaat gebeuren, maakt dat wij ons vrij voelen.

Vervolgens kun je over het volgende gaan nadenken. Stel de Ipswich Ripper zegt: "Tsja, ik heb 5 vrouwen vermoord, maar ik had niet echt een keuze, het was gedetermineerd". Heeft hij dan gelijk? Hier ben ik nog niet helemaal uit dus alles wat ik hierna zeg is nog twijfelachtig. Sowieso kun je zeggen dat hij berecht moet worden, voor bescherming van de samenleving, en eventueel voor rehabilitatie, ook al kan ik me dat bij hem moeilijk voorstellen. Alleen het punt van vergelding is lastig. Als alles wat er gebeurt vastligt, kun je dan nog werkelijk boos op iemand zijn? Ook hier geldt weer dat boos zijn ook een functie heeft: de persoon zal zich wellicht schamen en in het vervolg zich beter gedragen.

In feite kun je denk ik wel zeggen dat iemand die vreselijke misdaden begaat en daarvoor ernstig gestraft wordt, een pechvogel is(net als zijn slachtoffers). Tenzij de straf hem niks doet, dan is het een geluksvogel(maar ik geloof nog wel in enige gerechtigheid). In weze is iedereen gelijk en verdiend iedereen een even gelukkig leven. Je zou kunnen zeggen dat je "geluk" of "pech" kunt hebben met de omgeving waarin je opgroeit, en hoe je zelf in elkaar zit. Dit betekent dus ook dat iemand in een slechte omgeving gelukkiger kan zijn dan iemand in een goede omgeving, doordat hij innerlijk anders met de omgeving omgaat.

Dat mensen maar allerlei misdaden zullen begaan onder het mom van "het is deterministisch" zal volgensmij niet gebeuren, omdat de wereld nu eenmaal zo gedetermineerd is dat mensen dat niet doen.

Dit was voorlopig mijn eerste bericht op dit weblog. Ik hoop dat het mensen interesseert en er een discussie ontstaat. Je kunt me ook mailen met een reactie. Blijf checken voor reacties en nieuwe onderwerpen!

19 December 2006
By on 13:22
geselecteerd als gefixeerd bericht

Filosofische overdenkingen… en van alles en nog wat

15 November 2006
By on 09:18
De onverwachte executie-paradox

Dit stukje gaat over een paradox die me al heel wat tijd en moeite heeft bezorgd. Misschien heb je er ooit wel eens van gehoord. Stel: een gevangene wordt daar de bewaarder verteld dat hij volgende week geexecuteerd zal worden, op een doordeweekse dag. Ook vertelt hij dat de executie alleen door zal gaan als het een verrassing is. Dit laatste noem ik "de voorwaarde".

Nu heeft de gevangene een bepaalde redenering die hij redenering A noemt: "Het zal niet vrijdag worden, want als het eenmaal vrijdag is, is vrijdag de enige mogelijke overgebleven dag, en zal het dus geen verrassing meer zijn."
Vervolgens bedenkt hij een redenering B: "Het zal niet donderdag, want als het eenmaal donderdag is, is donderdag de enige mogelijke overgebleven dag, aangezien het sowieso niet vrijdag wordt(zie redenering A). Echter, dan zal het dus weer geen verassing zijn, dus wordt het niet donderdag."
Op dezelfde manier bedenkt hij redeneringen C,D en E waarmee hij aantoont dat de executie ook niet op woensdag, dinsdag en maandag kan plaatsvinden. Dus hij concludeert dat de executie niet kan plaatsvinden onder de voorwaarde die de bewaarder hem had verteld.
Echter, dinsdag komt de bewaarder hem halen en wordt hij geëxecuteerd. Dit had hij niet verwacht! Dus is toch aan beide voorwaarden voldaan!

Ik heb hier heel lang over zitten nadenken, wat frustrerend kan zijn, want zo makkelijk is er niet uit te komen. Je gaat een beetje in een cirkel denken. Maar ik denk dat er wel iets over te zeggen valt. Stel, het is vrijdag. Eerst concludeert de gevangene dat het 100% zeker is dat hij wordt geëxecuteerd. Echter, daarmee wordt het geen verrassing meer, en dus zegt hij dat het 0% zeker is dat hij wordt geëxecuteerd, omdat niet aan de voorwaarde is voldaan. Maar uit deze conclusie volgt dat de aanname waarmee zijn redering begon, namelijk dat het 100% zeker was dat hij zou worden geëxecuteerd, niet juist was! Dus wordt daarmee deze hele redenering ongeldig.

Ik denk dat je uit het feit dat de gevangene verteld is dat het op een van de dagen maandag t/m vrijdag zou gebeuren, niet altijd kan concluderen dat als het vrijdag is, het ook 100% zeker is dat het gaat gebeuren. Namelijk, de bewaarder kan er andere dingen bezeggen die in

11 November 2006
By on 18:26
Welkom!

Welkom op mijn blog! Er staat nu nog weinig op, maar binnenkort zal ik er wat dingen opzetten die hopelijk de moeite waard zijn te lezen en te bediscussiëren… Kom dus snel weer terug!

25 October 2006
By on 21:56